Heemkundevereniging Landgraaf

Dé plek voor je stamboom en ander historisch onderzoek

Archeologie

Binnen het grondgebied van de huidige gemeente Landgraaf woonden uiteraard al mensen voor het begin van onze jaartelling. De heemkundevereniging beschikt zelf maar over een kleine collectie archeologische vondsten. Natuurlijk hebben wij wel documentatie. Sinds het van kracht worden van het Verdrag van Malta wordt ook in Nederland veel beter omgesprongen met het bodemarchief. Uitgangspunt is wel, dat opgraven alleen gedaan wordt wanneer het niet anders kan. Bij opgraven verniel je immers het bodemarchief. De winst ligt dan in het gedocumenteerd beschrijven van vondsten en onderzoek zodat we wel meer weten. Onze heemkundevereniging wordt bij vrijwel alle onderzoeken in Landgraaf betrokken op het moment, dat de onderzoeksbureaus informatie verzamelen voor hun onderzoek. Het zelfstandig onderzoek doen door amateurs is helaas niet toegestaan. Dieper graven dan 30 centimeter is niet toegestaan. Ook het zoeken met een detector is aan regels gebonden.

Helaas is in de tijd van de grote stedenbouwkundige aanpassingen van de kernen geen archeologisch onderzoek gedaan. Daardoor zijn heel veel sporen voor altijd verdwenen. En toch zijn er bijzonderheden bekend die ons meteen iets vertellen over de geschiedenis. Daarbij kun je denken aan de Romeinen en pottenbakkers. We weten echter ook, dat er in het gebied al mensen woonden voordat de Keltische cultuur zijn intrede deed. 


De eerste mensen die zich hier vestigden waren in feite zwervers. We noemen ze jagers. Zij trokken rond op zoek naar voedsel. De stenen voorwerpen die zij gebruikten waren log en zwaar want ze joegen nog op groot wild. Afhankelijk van het seizoen trokken zij van zuid naar noord en van noord naar zuid. Dit tijdperk noemen we ook de oude steentijd (paleolithicum).

In het midden steentijd (mesolithicum) blijft men jagen maar de prooi wordt toch het kleiner wild, gevogelte en vissen. Dit is dus na de ijstijd wanneer het klimaat ook warmer wordt. Door de veranderingen van het klimaat veranderde ook het landschap door plantengroei. De mens moest zich wel aanpassen.

In de jonge steentijd (neolithicum) zien we dat mensen zich langzaam maar zekeren gaan vestigen en kiezen voor een vaste woonplaats. 

Vondsten van molenstenen, aardewerk en paalwoningen en hutkommen vertellen ons daar veel over. Bekend zijn de vondsten van bandkeramiek in de omgeving van Stein, Beek en omgeving en de vuursteenmijn in Rijckholt.

De jager wordt een landbouwer. Zij ontginnen cultuurgrond, houden dieren en wonen in kleine gemeenschappen. Vermoedelijk waren dit vaak families. We zien, dat ze hun doden begraven of cremeren in de directe omgeving van hun erven. Wanneer de grond uitgeput was, schoof men wat op of trek verder.

Zo rond 1500 voor Chr. komt het brons op de markt. Men bleef ook steen gebruiken maar hier kwam toch min of meer een einde aan toen het ijzer bekend werd. Vondsten uit de Keltische cultuur wijzen uit, dat je niet meer kon spreken van een primitief volk. 

De volgende grote verandering doet zich voor bij de komst van de Romeinen. Zij brachten weer een heel andere beschaving. De bewoners van het gebied nemen uiteraard dingen van de Romeinen over. Wanneer de Romeinen zich moeten terugtrekken blijven hier uiteraard wel mensen wonen, maar krijgen we ook een tijd die wel de grote volksverhuizing wordt genoemd.

De Romeinse wegen blijven uiteraard en daarmee was het gebied ook ontsloten. De Franken komen en Karel de Grote kiest Aken als zijn belangrijkste plaats. In de hele middeleeuwen zien we veranderingen ontstaan die tot op de dag van vandaag  niet hebben stilgestaan.


Pottenbakkersovens in Landgraaf met andere informatie.


Overzicht van vondsten uit het verleden binnen Landgraaf